Geeft kleur aan grijs
 














Rockende midlifers

Het is waar, wat in de krant staat, ik kan getuigen: daar stond onlangs dat de buurtwinkel aan heropleving toe is en ik stel dat ook vast. Het heeft te maken met de crisis: de mensen schaffen meer en meer het zaterdagse winkelen met het hele gezin in de supermarkt af, winkelen is zo duur dat het niet langer een fijne uitstap is, maar iets waar we tegenop moeten zien, dus het moet snel en efficiënt gebeuren. Dat kan beter in de buurtwinkel, schreef de krant: daar koop je gerichter. Nu woon ik in de stad en daar is buurtwinkelen al langer in heropleving. In de stad heeft dat niks met de crisis te maken of met gerichter kopen, integendeel: wij buurtwinkelen wegens zéér inefficiënt maar aangenaam, zeker als de buurt waarin de winkel ligt een sympathieke buurt is, zoals de mijne. Ik fiets naar de slager en de bakker en de krantenboer en ik blijf uren weg omdat ik de halve buurt in de winkel tegenkom. Inefficiënt maar zalig, want een mens blijft op de hoogte van de roddels en heeft in één keer ook aankopen gedaan, dat is meegenomen.

Allemaal goed dus, en toch heb ik deze week één van mijn buurtwinkels van mijn route geschrapt. Dat is de krantenwinkel. Ik krijg de krant per abonnement, maar ik fietste ook elke maand langs de krantenboer voor mijn favoriete maandblad, en dat heeft deze week opgehouden te bestaan. Het was een blad voor rockende midlifers en toch zonder 'plus' in de naam. Steengoed en dat bleek uit de oplage, en toch werd het een dikke buis omdat de adverteerders niet wilden adverteren. Midlifers, rockend of niet, zijn géén interessante doelgroep. Oma's wel, daar kun je digitale tv's en kettingzagen aan slijten, maar wat verkoop je aan midlifers?

Terwijl wij midlifers in wezen dezelfden zijn als de groep die door reclamemakers wél interessant wordt bevonden: jonge ouders van 45, carrièremensen, nieuwsamengestelde gezinnen, mensen met kinderen van een eerste en baby's van een tweede huwelijk. Wij verkopen want scheiden, kopen opnieuw en verbouwen én wij sporten ons te pletter. Beste adverteerders, méér dan de jeugd van tegenwoordig blijven wij er goed uitzien tot ver na de zeventig, wij zijn dus een markt met groeipotentieel en wij zijn bijgevolg bijzonder beïnvloedbaar, wij smelten voor reclame voor interieurs en fitnessclubs, voor datingsites en sportschoenen, voor luiers en babykleren. Wij willen wel, maar u wil niet. Zeer spijtig. Gemiste kans. Maar goed, getreurd maar niet te lang, mijn dagbladhandelaar geschrapt van de route, dat geeft mij meer tijd om bij mijn slager te blijven plakken en dat komt goed uit, want die organiseert een kerstspaaractie: zes kaarten vol met zegeltjes brengen een gratis tafelgrill op. Wie maar twee kaarten vol heeft, kan de grill ook krijgen, maar moet een beetje bijbetalen. De hele buurt spaart dus verwoed voor tafelgrillen en tot onze vreugde verkoopt de slager ook erwtjes in blik en bokalen rodekool en leveren die ook punten op. Nooit zo veel biefstuk staan bakken en stoofvlees staan stoven, vegetarische gedachten afgeschaft. Vis is toch met uitsterven bedreigd, wij gaan naar de slager. Een tafelgrill in de winkel kost volgens mij bijlange niet zoveel als wat we intussen aan al dat vlees hebben uitgegeven, maar we hebben geen electrowinkel in de buurt en sparen is spannender. We kopen zelfs wijn bij de slager om aan de punten te geraken. Midlifers niet vatbaar voor reclame? Laat me lachen.

Annemie Peeters, van Peeters&Pichal,
Column uit .biz